Webdesign by:
Bezoek- en postadres: Sluuspoort Handelskade 25 8064 DV Zwartsluis info@historiezwartsluis.nl
Openingstijden: dinsdag t/m zaterdag van 10:00 uur tot 17:00 uur Archief op afspraak Volg de Historische Vereniging Zwartsluis op Een donatie doen? Graag!
De historie van Zwartsluis 3. Economie De ligging van Zwartsluis bracht met zich mee dat de kernvorming en de economische activiteiten vrijwel geheel waren verbonden met turf en transito - ook wel doorvoer genoemd. Het naastgelegen Land van Vollenhove stond bekend vanwege de turfwinning. De turf werd onder andere uitgevoerd via Zwartsluis, door de reeds genoemde Arembergergracht. Omstreeks 1600 kwamen daar de Drentse hoogveengebieden bij, gelegen rond het huidige Hoogeveen en Smilde. In Zwartsluis werd de turf overgeslagen op grotere schepen die de Zuiderzee of IJssel opvoeren. De transito deed het belang van Zwartsluis sterk toenemen en daarmee groeiden ook de beroepen die met deze activiteiten verband hielden. Er ontstonden scheepswerven, zeilmakerijen, masten- en blokmakerijen. Daarbij deden schippers er hun inkopen of brachten een bezoek aan een kroegje. Ook ontstond er een turfmarkt, een plek waar turfmakelaars de prijs van hun waar bepaalden. Sjouwerslieden en turfvulsters vonden hier emplooi. Wel had de ontginning van de Drentse venen tot gevolg dat de sponswerking verdween, waardoor er veel sneller water afgevoerd moest worden door het Meppeler Diep, voorheen de ‘Sethe’ geheten. Dat zorgde aan het eind van de rivier nog wel eens voor hoogwater- problemen. Het bestuur van Zwartsluis eiste daarom van de Drentse kant een financiële bijdrage voor de verbetering van de afwatering. Dat ging niet van harte, maar Zwartsluis speelde het spel met grote volharding. Volgens het kadaster van 1832 waren er in dat jaar acht scheepswerven. Deze waren te vinden aan het Klein Lageland, de Nieuwe Sluis en de Zomerdijk. Ook na de economische omslag in 1880 bleef de met scheepvaart verbonden industrie in Zwartsluis de grootste bedrijfstak. In 1890 werd voor het eerst melding gemaakt van de bouw van ijzeren schepen. In de jaren 1880 tot 1930 werden er maar liefst 550 schepen gebouwd. Na 1930 kwam er een algehele inzinking van de scheepvaartindustrie, met als gevolg dat er nauwelijks nog nieuwe schepen werden gebouwd. Een bijzondere tak van nijverheid in Zwartsluis was de kalkbranderij. De oudst bekende branderij dateert van 1538. In 1851 waren er 26
kalkbranderijen en dat momt omdat de ligging voor deze bedrijfstak ideaal was: er was namelijk turf om de kalk te branden, er waren schepen voor de aan- en afvoer en water om de kalk te blussen. Tot ongeveer 1850 leverden de kalkovens een voorname bijdrage aan de handel.
Links: schepen ‘Achter de Wal’, thans de Handelskade
Hierboven: Kalkovens aan de Zomerdijk
Mastenmakerij
Volg ons op